Ken je hond: de gedragscode van de rustige leider

Lees voor met webReader

hondVoor een goede relatie met je hond is meer nodig dan liefde en genegenheid. Een hond moet zich kunnen uitleven, hond zijn. En nog het liefst samen met jou. Maar wil je dat jouw hond ook naar je luistert, dat hij je ziet als zijn leider, dan moet je je ook gedragen als een leider.

Om te weten hoe dat moet kan je best even kijken hoe dat gaat in de natuur. De hond is afkomstig is van de wolf. Wolven leven in een roedel en in die roedel heerst er een hiërarchie. Bovenaan de top staat de leider. Hij bepaalt wat er gebeurt in de roedel en iedere andere wolf volgt de leider.

Maar hoe komt het dat die ene hond de leider is? Hoe komt het dat alle andere honden binnen de roedel die ene hond als leider hebben aanvaard?  Dit heeft alles te maken met zijn gedrag binnen te roedel. Wil je ook dat jouw hond je ziet als zijn leider? Gedraag je dan als een leider. Volg simpelweg de gedragscode die van jou de leider van de roedel maakt. En jouw hond zal jou aanzien als zijn leider.

Ik wil er hier meteen bij vertellen dat niet alleen jij boven de hond moet staan, maar heel het gezin. Ook de kinderen zijn hoger in rang dan de hond. Deze gedragscode voor leiderschap geldt dus voor heel het gezin.

De Gedragscode van de leider.

  1. De leider van de roedel slaapt waar hij wil en niemand mag bij hem komen.  De leider van de groep gaat slapen en liggen waar hij wil, dit moet gerespecteerd worden door de andere honden. De leider heeft het recht een plaats voor zich alleen te hebben en dit is verboden terrein voor de andere honden.  Laat daarom de hond nooit in jouw bed slapen. Dit is jouw plaats. Maak van je slaapkamer verboden terrein voor je hond. U doet er eigenlijk goed aan om sommige vertrekken van je huis gewoon af te sluiten voor je hond. Als je hond in de zetel ligt waar jij wenst te zitten, duw de hond dan gerust weg, Hij moet wijken voor jou, want jij bent immers de leider.
  2. De leider van de groep bevindt zich fysiek altijd boven de hond.  Bij een roedel zullen de honden die hoger in rang staan letterlijk op een hoger niveau liggen dan de ondergeschikte honden. Zit u ergens op de trap zorg dan dat je hond enkele treden onder jou zit.  Til de hond nooit hoog op, zeker niet zo dat de hond hoger komt dan het hoofd van een kind. Zorg dat je hond nooit bovenop jou gaat zitten of liggen, ook niet op je schoot. Zorg dat je hond niet over jou gaat hangen wanneer je ergens ligt.
  3. De leider eet altijd eerst daarna krijgen de ander leden de restjes.  Wanneer de roedel op jacht gaat en een prooi te pakken krijgt dan zal de leider van de roedel het eerste eten. Pas wanneer hij voldaan is zullen de ondergeschikten mogen eten.  Zorg er voor dat u en je gezin eerst eten. Wanneer iedereen gedaan heeft dan pas mag je de hond eten geven Geef de hond nooit iets terwijl jij aan het eten bent, zo voorkom je bedelgedrag bij je hond.  Wanneer de hond aan het eten is respecteer dat dan, laat hem rustig eten zonder hem te storen. Neem het voer dan ook niet weg. Het is van hem hij heeft het gekregen.
  4. Laat zien tijdens het spel met je hond dat jij de baas bent.  Het is niet zo dat de rangorde in een roedel beslecht wordt met een vechtpartij. Dit gebeurt eerder tijdens het spelen. Doe regelmatig trekspelletjes met je hond, zorg er voor dat jij het spel leidt. De hond mag wel af en toe eens winnen maar het laatste spel win jij altijd.  Wanneer de hond te agressief wordt tijdens het spelen, onderbreek jij het spel gewoon. Jij bepaalt wanneer er wordt gespeeld, niet de hond. Wanneer de hond met een speeltje af komt om je te overtuigen met hem te spelen. Negeer dit dan, jij bent het die beslist wanneer er wordt gespeeld.  Eindig het spel nooit door het speeltje gewoon weg te gooien, je hond zal dit dan gaan halen en denken dat hij gewonnen heeft.
  5. Alle leden van de roedel moeten plaats maken voor de leider.  Wanneer de leider ergens naar toe wil dan moeten alle andere honden opzij gaan voor hem. De leider maakt nooit een ommetje om een ondergeschikte heen, het is de ondergeschikte hond die uit de weg gaat voor de leider. Wanneer je hond jou de weg verspert duw hem dan gewoon opzij.  Als de hond ergens gaat liggen in een doorgang dan doet hij dit vaak om jou te testen. Duw hem gewoon weg. Zit de hond in de zetel waar jij wil gaan zitten duw hem dan opzij, laat zien dat dit jouw plaats is en dat jij de baas bent.
  6. De leider van de roedel gaat altijd als eerste door een nauwe doorgang.  Wanneer je met de hond door een nauwe doorgang gaat dan moet jij als leider als eerste gaan. Zorg er voor dat je hond niet voor jou door de doorgang gaat maat dat hij achter je loopt zo laat jij hem zien dat je de leider bent. Je zal merken dat wanneer je een dominante hond hebt deze altijd zal proberen om voor jou door de smalle doorgang te geraken.  Oefen dit regelmatig met je hond wanneer hij aan de leiband loopt. Doe dit bv. In een gang, of tussen twee geparkeerde auto’s. Ook een deuropening is goed. Wanneer je hond automatisch bij het naderen van een nauwe doorgang achter je gaat lopen dan wil dit zeggen dat hij je als leider aanvaard heeft.
  7. Alle leden van de roedel bewijzen elke dag opnieuw eer aan de leider, niet omgekeerd.  Het zijn de ondergeschikten die altijd eerst de leider begroeten. Hou er daarom rekening mee wanneer je thuis komt dat je eerst de andere gezinsleden begroet en pas daarna de hond. Zo merkt de hond meteen dat zijn plaats onderaan is. En dat alle leden van het gezin, ook de kinderen boven hem staan. Een handige regel: Wanneer je thuiskomt en wanneer je weggaat, bekijk de hond niet gedurende de eerste 2 en 2 laatste minuten.
  8. De leider van de groep bepaalt wat er gebeurt. Het is altijd de leider van de groep die bepaalt of er gewandeld of gespeeld wordt. Niet omgekeerd.  Wanneer de hond met een speeltje naar jou toe komt om je uit te nodigen om met hem te spelen. Negeer hem dan. Wacht een beetje tot de hond met iets anders bezig is en neem dan het speeltje en nodig je hond uit om te spelen.
  9. Het zijn de lager geplaatste honden die naar de hoger geplaatste honden toe gaan, niet omgekeerd.  Zorg dat je hond naar jou toe komt, bvb. om zijn leiband aan te doen. Ga nooit zelf naar de hond. Roep je hond eerst bij jou. Wanneer de hond in zijn mand ligt ga er dan niet naar toe om hem te strelen. Laat de hond naar jou toe komen en streel hem dan.
  10. De leider van de groep heeft het recht om de ondergeschikten te negeren.  Doe dit regelmatig. Wanneer je hond regelmatig opspringt om aandacht van jou te vragen negeer dit dan. Kijk hem niet eens aan. Laat merken dat je niet in hem geïnteresseerd bent. Dit is voor de meeste hondenliefhebbers soms moeilijk. Maar voor honden is dit doodnormaal.

Dit zijn 10 punten die jij moet in acht nemen. Leider worden moet je verdienen. Je kan het niet afdwingen en het heeft tijd nodig.  Pas gewoon deze 10 tips consequent elke dag toe. En na een tijdje zal je merken dat je hond jou meer en meer zal respecteren en jou zal zien als zijn leider.

Print Friendly, PDF & Email
Dit bericht is geplaatst in Ken je hond. Bookmark de permalink.