Het africhten

Lees voor met webReader

Charlotte op de zeedijk

BASISPRINCIPES

  • Er wordt gewerkt met een metalen BEUGEL die aan een harnas is bevestigd zodat elke wending van de romp van het dier onmiddelijk voelbaar is aan de handgreep;
  • De WITTE STOK wordt verder gehanteerd, al is het enkel om anderen attent te maken op zijn  voorrangsrecht als blinde persoon.  Maar de hoofdreden is te vermijden dat men het stoklopen zou afleren en hulpeloos zou zijn als de hond onbeschikbaar zou zijn.

De OPLEIDING
Omdat de geleidehond zijn baasje veilig doorheen de wazige of onzichtbare buitenwereld moet kunnen loodsen, moet hij leren rekening houden met de signalen en hindernissen die “zienden” spontaan registreren en onbewust volgen of uit de weg gaan.

Bij de aanvang worden de basisvaardigheden aangeleerd op de opleidingspiste van het centrum. Later wordt de opleiding veelzijdiger èn aanzienlijk verfijnd: de instructeur trekt het dorp en de stad in om hem verschillende omlopen met een stijgende moeilijkheidsgraad aan te leren.

Het ruimtelijk inzicht dat de hond moet leren gaat buitengewoon ver: hij moet allerlei omgevingskenmerken interpreteren èn die door stops of impulsen via de metalen beugel doorseinen aan zijn meester : bvb. stoepranden, hindernissen op de weg, zijstraten, verandering van kleur van bestrating, veranderingen van richting, het ontwijken van voetgangers, enz…

Ook praktische bevelen moet hij aanleren (bvb. “zoek bushalte”, “zoek deur”, “zoek brievenbus”, “zoek zebrapad”, ‘zoek bank’ , zoek trap…)

Zeer moeizaam is het aanleren van de bevelsweigering: stel dat de hond het bevel krijgt door te lopen en dat het voetpad enkele meters verderop opengebroken is, dan moet hij zijn baasje meteen ter plaatse blokkeren. Deze “bewuste ongehoorzaamheid” kan van levensbelang zijn en het vertrouwen in de hond versterken.

Ook hindernissen in de hoogte (boomtakken, zonneluifels, reclame- en verkeersborden) vormen een mogelijk gevaar dat de hond moet kunnen inschatten, èn zijn baas omheen leiden.

De hele opleiding in het centrum duurt ongeveer acht maanden, al naargelang de begaafdheid en leergierigheid van het dier. Daarna volgt de  stage.

Print Friendly, PDF & Email